
Column: Internationale Vrouwendag
ColumnEr was een tijd, het is lang geleden, dat er heel wat vrouwenverenigingen waren in het Hellendoornse: christelijke zoals de NCVB, niet-christelijke zoals de Plattelandsvrouwen en de Vereniging van Huisvrouwen. Ze waren verenigd in het zogeheten Emancipatieoverleg. De landelijke voorzitter van Protestants Christelijke Vrouwen Bond was in die tijd niemand minder dan onze eigen Hennie Marskamp uit Daarle.
Ze had nauwelijks een opleiding genoten, maar ze was een kopstuk in de wereld van Vrouwenverenigingen en raden. Ze had de guts om hier in de gemeente tegen alles in een Emancipatieoverleg te starten met vrouwen uit de traditionele vrouwenverenigingen en de ‘nieuwe’, zeg maar linkse vrouwengroeperingen, zoals het Vrouwencafe, de werkgroep Vos Cursussen, het maatschappelijk werk met de zogeheten VIDO(Vrouwen in de Overgang)groepen en het Vormingswerk.
En dat liep goed; sterker dat was een succes. Niks ‘ik wil niet met die’, of ‘eigen schaduwen’ waaroverheen gestapt moest worden. Er was begrip en respect voor de verschillen en de bereidheid de handen ineen te slaan. Het resulteerde zelfs in een gezamenlijke viering van de Internationale Vrouwendag in Ons Gebouw. Een bomvolle zaal vol met allerlei soorten, divers zouden we nu zeggen, vrouwen. Samen uit volle borst een lied zingen onder begeleiding op accordeon van een dame van de Vereniging van Huisvrouwen.
Vorige week werd er ook gezongen bij de feestelijke bijeenkomst in Werkcafe Kleurrijk ter gelegenheid van de Internationale Vrouwendag: Zing, Vecht, Huil, Bid, Lach, Werk en Bewonder. Het bekende lied van Ramses Shaffy bewerkt door pastor Liesbeth Jansen-Gort die een inspirerend verhaal had gehouden evenals Jessica Heutink van StichtingCultureKitchen.
Na het lied was de beurt aan Fahem, Samien en Andera, uit Iran en Syrië. Ademloos luisterde de zaal naar hun verhaal. Geen perfect Nederlands maar de boodschap was duidelijk: wat voor de gemiddelde Nederlandse vrouw vanzelfsprekend is, is dat niet voor iedereen. Leven in Nederland is mooi, maar het verlangen, het heimwee naar je familie en het mooie land waar je vandaan komt blijft: ‘ik denk nog iedere dag aan mijn land’ zegt de Syrische Andera die al acht jaar in Nederland woont.
De drie vrouwen zijn dankbaar dat ‘u uw huis met ons wilt delen’. Zij hoorden van hun moeders dat ‘je altijd alles zult hebben wat je met liefde hebt gegeven’. Dat was een mooie uitspraak aan het eind van hun verhaal. Er volgden hapjes drankjes en gesprekjes en een heerlijke maaltijd.
Ik denk dat Hennie Marskamp er met genoegen van hierboven op heeft neergezien. Heeft gevonden dat het ‘goed’ was.
weedebee









